Kom bij Trevor Sensor niet aanzetten met het verschil tussen Indiestad en Sugar Mountain. Dat hij nu twee keer in Amsterdam heeft opgetreden onder de vlag van Sugar Mountain Presents, maar dat hij met zijn nieuwe singles wat meer is opgeschoven naar Indiestad. De 23-jarige Amerikaan maakt een wegwerpgebaar en steekt van wal.

“Mensen knikken braaf hun hoofd als het over indie gaat, maar wat betekent het nou eigenlijk? Sommige mensen vinden dat een indie-artiest geen catchy nummers mag schrijven, maar ik kan je verzekeren dat ‘High Beams’ een popnummer is. Op mijn manier, oké, but it’s a popsong nontheless.”

Het ene moment praat hij uiterst bedachtzaam, het andere moment zit hij als een klein kind te ratelen over Twin Peaks, Cowboy Bebop en zijn liefde voor Harry Nilsson en Scott Walker. Punkers pur sang, volgens de definitie van Sensor. Met brede glimlach, glinsterende ogen en gebalde vuisten geeft hij blijk van zijn enthousiasme voor de samenwerking tussen Walker en Sunn O))).

Slecht Hollywood-verhaal

Als het over zijn debuutalbum ‘Andy Warhol’s Dream’ gaat, dan is het mengeling van vrolijkheid en ernst. Vrolijk omdat hij er een jaar lang hard aan heeft gewerkt en trots is op het resultaat. Het voelt allemaal maar surrealistisch, na vier keer volgt een verontschuldiging dat hij steeds weer ‘surreal’ zegt. Het verhaal van Sensor is dan ook, zoals hij het zelf zegt, de slechte Hollywood-variant: “Kid plays in a bar, rockstar sees him, gets him in the industry.”

Als zijn vrienden hem niet hadden aangemoedigd om zijn liedjes voor een publiek te brengen, als die rockster (de gitarist van The Killers) hem hem niet had zien optreden in een bar, dan had Sensor waarschijnlijk nog met zijn neus in de boeken gehangen na een studie Engelse Literatuur en Filosofie. Wel zegt hij dat het altijd een droom is geweest om op hetzelfde platenlabel te zitten als artiesten die hij al jaren bewondert: Bon Iver, Foxygen, Sharon Van Etten en Angel Olsen. Dat een vroege jeugdherinnering is dat hij met zijn moeder danst op ‘Take It Easy’ van de Eagles. Dat hij liever ‘Match my pitch’ met zijn oma speelde dan ‘Smear the queer’ met leeftijdgenootjes. Dat hij achterin de schoolbus hing met Van Halen of de Rocky-soundtrack op z’n mp3-spelertje. Dat hij al als 8-jarig jochie in gedachten eigen nummers schreef, en dat hij daar rond zijn twaalfde voor het eerst in slaagde. Om de simpele reden dat het hem niet lukte om andermans liedjes na te spelen. Dat nummer ging over een meisje, hij was verdrietig dat zij hem niet leuk vond. Zegt dat hij nu te beschaamd is om de tekst te delen of zelfs maar de titel.

Geen spoortje ironie

We maken een sprong naar 2017. Een jaar na het verschijnen van een bejubelde eerste EP, en een ruim halfjaar na de nog mooiere tweede EP, staat Sensor aan de vooravond van het verschijnen van zijn debuutalbum. Hij herhaalt dat hij groot fan is van Bon Iver, maar dat hij minder te spreken is over de abstracte teksten van Justin Vernon. Of over de postmodernistische ironie waarin Father John Misty volgens hem is doorgeslagen. Zegt dat op zijn eigen album ‘Andy Warhol’s Dream’ geen spoortje ironie te vinden is. Dat hij graag zegt waar het op staat, zoals Kevin Morby en Whitney.

Waar ‘In Hollywood, Everyone Is Plastic’ bedrieglijk veel klinkt als een nummer van Whitney dat gezongen wordt door Sensor, daar lonkt de grandeur van single ‘The Money Gets Bigger’ vrij opzichtig naar Foxygen. Niet zo gek, als je in ogenschouw neemt dat de nummers op ‘Andy Warhol’s Dream’ zijn geproduceerd door Foxygen’s Jonathan Rado (producer van o.a. Whitney, The Lemon Twigs) en Richard Swift (o.a. Foxygen, Kevin Morby, Damien Jurado). Nog minder gek, als je hoort dat Max Kakacek (gitaar), Julian Ehrlich (drums) en Malcolm Brown (toetsen) van Whitney in zijn studioband zaten, en dat Rado en Swift uiteraard ook meespelen.

Een van de nummers die door Swift zijn geproduceerd, is het prachtige ‘On Your Side’. Dat lijkt aanvankelijk een lief liedje over iemand die troost wil bieden, met een fijne accordeonpartij en distorded gitaarsolo. Maar nee, het nummer is zeker geen liefkozing. Sensor noemt het zelfs een gemeen nummer, waarin hij met zijn vinger naar iemand priemt. Dan slaat de vrolijkheid over naar ernst. “Er zijn maar weinig mensen die je volledig kan vertrouwen. Veel mensen geven niet thuis als het over serieuze dingen gaat, ik heb daar echt een ‘anger problem’ mee. Mensen zouden empatischer moeten zijn, het maakt me woest dat we niet empatischer naar elkaar toe zijn.”

Ongelukkig

“Ik ben niet echt gelukkig op dit moment”, zegt Sensor onomwonden. “Ik zit vol met twijfels en vragen. Ben best wel angstig en lang niet altijd vrolijk helaas. Dat komt m’n muziek allemaal ten goede, maar de muziek verdrijft die gevoelens niet, ik zit er nog steeds mee. Ooit zal het verdwijnen, hoop ik, maar met dit eerste album is het nog niet gelukt.”

De verkiezing van een realityster tot president komt zijn gemoedsrust bepaald niet ten goede. Ook droomt hij van een wereld zonder het in zijn ogen grootste gevaar van allemaal: het internet. Sensor zou het er uren over kunnen hebben. Mensen zouden meer moeten lezen, kritischer moeten zijn, niet in hun eigen bubbel leven. Sensor zet nog even een boom op over zijn Tolstojaanse kijk op kunst. Dan begint hij weer over Harry Nillson en Sott Walker, meer specifiek over artiesten die wel muziek uitbrengen maar nooit op tournee gaan. Dat zou volgens de jonge Illinoisian ‘a beatiful thing’ zijn. Zegt dat hij het niet erg vindt om op te treden, maar wel dat optreden en reizen het produceren van nieuwe muziek in de weg staat.

“Ik ben constant aan het schrijven, daar hou ik van. Het ultieme geluk zou voor mij zijn als ik ergens op het platteland ben en muziek maak en boeken lees. Concerten kunnen euforisch zijn, een prachtige ervaring die je met het publiek deelt, ik vind het oprecht geweldig om op die manier met mensen in verbinding te staan. Maar ik heb minstens 100 nummers geschreven, ik overdrijf niet, ik heb zo geen tijd om ze op te nemen.”

‘Andy Warhol’s Dream’ verschijnt op 16 juni, via het label Jagjaguwar.