Henk Koorn houdt van ‘ongebreideldheid’. Hij proeft het woord op zijn tong en het bevalt hem net zo goed als de jodenkoeken waarop hij kauwt. 30 jaar Hallo Venray staat voor hem gelijk aan onbeteugeld risico’s nemen, vooral live. Dat gaan we meemaken op het verjaardagsfeest van de Haagse band. ‘Where’s The Funky Party?’ vragen we de titel van hun nieuwe album indachtig. In Paradiso, op 31 mei, luidt het antwoord. Koorn belooft indie- en Americana sets, want Hallo Venray opereert in het grensgebied tussen de concertseries Indiestad en Sugar Mountain.

Koffie, koeken en gevaarlijke muziek

Koorn heeft zich prinsheerlijk geïnstalleerd in de ‘verhoorkamer’ van zijn label, Excelsior. Koffie en koeken in zijn nabijheid. Met uitzicht op de A’dam Toren. Hoofdschuddend kijk hij naar de schommelaars op de top van dat gebouw. ‘Komen ze met hun benen over het randje…? Gevaarlijk!’ oordeelt de man, die in zijn muziek geen gevaar uit de weg gaat, nee, zelfs opzoekt. Wat zijn ze nou indie of Americana? Allebei! ‘Onze allereerste plaat You Don’t Hit A Guy With Glasses On uit 1989 was super indie,’ kijkt Koorn terug. ‘Butthole Surfers en allerlei gekkigheid. Pas met de derde, met The More I Laugh, The Hornier Due Gets (1992) kwamen we eigenlijk pas uit bij Americana – crappy gespeelde liedjes, die leuk waren.’

De plaat met de ‘navelhoes’

Dat album met de beroemd geworden ‘navelhoes’ is een classic geworden. ‘Die plaat was waarschijnlijk een kwestie van right time, right place,’ denkt Koorn. ‘Als die nu zou zijn uitgekomen, zou misschien geen hond hem kennen.’ Daar valt wel wat tegen in te brengen. Zo zijn de genreaanduidingen Americana en indie tegenwoordig bruikbare marketingtermen geworden. Maar daar kan hij zich niet druk om maken. Eerst nog maar eens een kop koffie en een jodenkoek naar binnen werken.

‘Toen heette het gewoon popmuziek. Het was de tijd van Nirvana. Gitaarbandjes kregen weer een kans. Tegelijkertijd kwam de dance op. Dat interesseerde me wel, maar voor mij was Nirvana meer een mijlpaal. Ik ben altijd meer een liedjesman geweest.’

‘Niet eeuwig aan frotten!’

Hij omschrijft het schrijfproces van een song. Minder getalenteerde songwriters zullen verbaasd en jaloers worden bij zijn uitleg: ‘Een song schrijf je in vijf minuten. Als die dan niets met je doet, moet je er verder van afblijven. Niet eeuwig aan frotten! Anders haal je de vaart eruit. Hij moet je meteen kippenvel of energie geven. Boem! Doet die dat niet, gooi hem weg en ga wat anders doen. De gezondste manier van werken is door veel weg te gooien. Door te bewaren krijg je alleen maar meer platen van ‘n mindere kwaliteit.’ Goed gesproken! Hij is zeker van z’n zaak en trakteert zich nog maar eens op een kop koffie met een jodenkoek.

Die navelplaat is een piek gebleken in het nu veertien albums tellende oeuvre van Hallo Venray. Het hoesontwerp van Jeroen van Erp van Fabrique waarbij de portretten van de bandleden (‘héél suf!’) werden vervangen door close-ups van hun navel, zorgde destijds voor extra lollige signeersessies na optredens. ‘Elk bandlid zette zijn handtekening op de foto van z’n eigen navel.’ De gedachte daaraan amuseert hem nu nog.

Top 4 van favoriete Hallo Venray albums

Op verzoek stelt hij een lijstje samen van zijn favoriete Hallo Venray albums, zoals Excelsior op Spotify een playlist voor 30 jaar Hallo Venray heeft gezet. Dat is altijd meegenomen voor instappers, die willen weten waar ze moeten beginnen. Hij komt tot een Top 4 albumlijst, niet noodzakelijkerwijs in deze volgorde: ‘De eerste en de derde plaat dus… En verder Vegetables & Fruit, een heel stemmige plaat… en natuurlijk de nieuwe Where’s The Funky Party? Die is knijterhard, meer Indiestad dan Sugar Mountain. Ik ben er zelf heel enthousiast over.’

De nieuwe plaat: af in anderhalve dag

Die nieuwe plaat is door een reeks toevalligheden tot stand gekomen. Dat vindt Koorn leuk. ‘Oorspronkelijk zou Frank van der Weij van [voorheen] Studio Orkater met ons zijn meegegaan naar Frankrijk om die plaat op te nemen. Maar hij belde twee weken van te voren af. Hij zou ook met een geschikte opnamelocatie zijn gekomen. Intussen had JB Meijers zich al aangeboden om met ons mee te komen als kok.’

De kok werd producer samen met de band. Probleem opgelost. Meijers was met zijn indie- (The Posies, Big Star) en Americana-achtergrond (The Common Linnets, Howe Gelb) uiteraard ook een meer dan gekwalificeerde producer voor Hallo Venray. Hij is tussen twee haakjes ook ambassadeur van beide concertseries, dat spreekt voor zichzelf. De opnames vonden plaats in de Vega Studio in de omgeving van Avignon. ‘Onze drummer Henk (Jonkers) was al na anderhalve dag klaar. Het stond er allemaal zo op. Aftikken en gaan!’ Waar hoor je zoiets nog? Bij Hallo Venray dus.

Bloeddruk- en adrenalineverhogend

Met razend drumgeroffel als bij surf instrumental Wipe Out van The Surfaris opent de plaat. Funky Party heet dat eerste nummer. De volgende track, Blood, voert de bloeddruk verder op. Als je dan echt met het mes op de keel nog twee tracks wil benoemen die er uitsteken, dan zijn het Drink en het rustige Stories. Wat gebeurt er een hoop op deze adrenalineverhogende plaat! Af en toe is het gebodene heel onheilspellend. De hoes met de uit een put klauterende clown lijkt daar al op te wijzen. Koorn: ‘Op vinyl is kant A hard en snel, terwijl kant B langzaam en reflecterend is.’ Suspense verzekerd.

Koorns muzikale DNA in drie woorden

Hoe ziet Koorn zijn eigen muzikale ontwikkeling door de jaren heen en dan speciaal naar deze nieuwe plaat toe? Zijn muzikale DNA formuleert hij in drie woorden: melodie, simpelheid en ongebreideldheid. ‘Ik heb een bepaald fundament. Dat was er al toen ik zes was. Toen woonde ik nog in Amerika. Mijn ouders hadden een brief waarin stond: “Hendrik is a very talented boy.” Dat wist ik zelf natuurlijk niet. Ik deed maar wat als ik wat voorspeelde op de piano op school. Vanaf mijn achtste speelde ik gitaar. Maar wezenlijk ben ik niet veranderd. Neil Young heeft dat ook. Hij is altijd anders, maar er het is altijd in de geest van… Hij heeft geen idioom.’

Vooral het ongebreidelde ziet hij als een belangrijke eigenschap van zichzelf. ‘Als songschrijver moet je dingen durven kapot te maken. Live is risico’s nemen een cruciale factor. Zodra je dat doet, gaat alles open. Doe je dat niet, dan gebeurt er niks. Af en toe kun je zo de plank volkomen misslaan. Maar fouten maken, bestaat eigenlijk helemaal niet.’

30 jaar Hallo Venray

Al deze trekjes hebben bijgedragen aan 30 jaar Hallo Venray, waarbij bassist Peter Konings al die tijd aan Koorns zijde is gebleven. Drummer Henk Jonkers, de ideale sparringpartner voor Koorn, is ook al weer twintig jaar van de partij. Samen met enkele bandleden uit het rijke bandleden gaan ze hun verjaardagsfeestje vieren in Paradiso op 31 mei. De enige die nog roet in het eten kan gooien is de clown uit het artwork. ‘Die klimt uit die put, kijkt om zich heen en vraagt: “Waar is dat feestje? Dan kom ik dat even verknallen.” Clowns zijn niet te vertrouwen. Dat wist ik als kind al.’ Hij lacht er vrolijk om en eet nog een laatste jodenkoek toe.

Tekst: door Robbert Tilli