De verbeeldingskracht van Timber Timbre tiert welig op het nieuwe album Sincerely, Future Pollution. Vooral het titelnummer, het instrumentale ‘Skin Tone’ en ‘Bleu Nuit’ bezitten een cinematografische kwaliteit waar een filmcomponist jaloers op mag zijn. “Ik luister erg graag naar filmmuziek”, is de simpele verklaring van Taylor Kirk, als we hem vragen hoe het toch komt dat de muziek van Timber Timbre de fantasie zo prikkelt.

Kirk zegt dat hij de Blade Runner-soundtrack van Vangelis grijsdraaide. En dat hij de muziek die Cliff Martinez componeerde voor de films van Nicolas Winding Refn zo mooi vindt. “Ik hou heel erg van het concept album, ik creëer graag een klimaat of atmosfeer met een begin en een eind”, gaat Kirk verder. “Met of zonder narratief, het kan ook om een gevoel of gemoedstoestand gaan. Je ervaart onze albums op een lineaire manier, zoals je een film ervaart. Het zijn vergelijkbare wijzen van consumeren gaat, I guess.”

Voor alle teksten op ‘Sincerely, Future Pollution’ had Kirk, zegt hij, ongeveer een week nodig. Teksten die heel bewust thematisch gelinkt moeten zijn, inmiddels een beproefd recept voor de Canadese band. “Zonder dat ik het door heb ga ik daar altijd veel te ver in, want het hoeft er niet altijd zo dik bovenop te liggen. Vervolgens verwissel ik allerlei stukjes van het ene naar het andere nummer, en dan probeer ik de puzzel compleet te maken.”

Utter chaos

De puzzelstukjes gingen dit keer over het egocentrische Westen, over politieke oplichters, over riolen die overstromen, over een drijvende kathedraal die verdwijnt in het riool. Geschreven en opgenomen (bij Parijs) in 2016, omschrijft Kirk de toon van het album als ‘utter chaos’ en verwarring alom. Een bezoek aan Venetië diende als katalysator voor de thematiek van ‘Sincerely, Future Pollution’: die ‘floathing cathedral’ gebruikt Kirk niet alleen als beeldspraak voor alle mooie dingen die vergaan, dat nummer gaat ook echt over de Basiliek San Marco. Over het vergankelijke van zoiets ouds en groots. “Terwijl de wereld verging, was iedereen druk met zichzelf marketen op Instagram”, stelt Kirk vervolgens cynisch vast, niet alleen in het interview maar ook op de plaat.

Waar het vorige album ‘Hot Dreams’ (2014) voor Timber Timbre’s doen zonnig was, daar wilde Kirk dit keer een ‘steely’ en ‘cool’ album maken. Met drumcomputers en synthesizers. Het streven was zelfs om een plaat te maken die in de buurt van ‘iets dansbaar’ zou komen. Dat mislukte. “Het werd iets anders, maar wel het tegenovergestelde van organische muziek”, licht Kirk toe. Toen hij het album laatst nog eens luisterde, viel hem op dat hij ‘barely there’ is. “In wezen alleen met m’n stem, waarschijnlijk klinkt het daarom allemaal zo goed! I got the guys to do so well. Ik heb wel basgitaar op een paar nummers gespeeld, maar op de vorige albums speelde ik ook gitaar en drums.”

Zelf geen idee welke kant op

Met ‘the guys’ doelt multi-instrumentalist Kirk op Mathieu Charbonneau en Simon Trottier, eveneens alleskunners. ‘Sincerely, Future Pollution’ is het derde album van Timber Timbre in deze samenstelling, in de studio en live nog aangevuld met drummer Olivier Fairfield. Met hun eigen composities drukten Charbonneau en Trottier een grote stempel op het album, omdat Kirk voor het eerst geen idee had welke kant het op moest. “Bij de vorige albums tekende ik alles gedetailleerd uit, dit keer wist ik alleen dat ik een elektronische plaat wilde maken.” Gitaren zijn schaars op ‘Sincerely, Future Pollution’ maar in het nummer ‘Moment’ mag Trottier even los, een beetje in de geest van Adrian Belew op ‘The Great Curve’ van Talking Heads. “Yeah, he brought it.”

Echo’s die doorklinken op ‘Sincerely, Future Pollution’ komen van Roxy Music, Talk Talk, Talking Heads, Suicide, This Mortal Coil, Air en Daft Punk. Stuk voor stuk onwaarschijnlijke referenties, schrijft het platenlabel in een begeleidende tekst. Zelf schiet ons nog Dire Straits te binnen, een verre echo. Met een glimlach: “Ja hoor, dat vat ik op als compliment. Wel een grappige vergelijking. Ik heb zelf geen idee waar-ie vandaan komt, maar al sinds onze beginjaren krijgen we dat na shows wel eens te horen van fans. M’n ouders luisterden vaak naar Dire Straits en ‘classic rock’-radio, dat zal het zijn.”

Als het gaat om muzikale verrichtingen is Kirk op het nieuwe album dus ‘barely there’. Hij geeft tijdens het gesprek meerdere malen blijk van nederigheid. Zegt dat hij vaak twijfelt aan wat hij doet. “Ik voel me soms zelfs een beetje frauduleus in de muziekwereld”, zegt hij op een gegeven moment. Even later: “Ik ben niet de beste zanger, de beste instrumentalist of de beste dichter. Waarom verdien ik het om dit te mogen doen? Waarom is dit zo belangrijk, iedereen doet het toch al?”

Paradiso Noord vormt op zondag 9 april het decor van een van de eerste shows waar de nieuwe nummers live worden gebracht. Het zal de eerste keer zijn, zo blikt Kirk vooruit, dat ze gedwongen zijn om trouw te blijven aan de studioversies, vanwege de drumcomputers en ‘percussive elements’ die meegaan op tour. Voorheen waren ze er niet zo mee bezig om de plaat te kopiëren. “Maar deze keer zijn alle elementen onmisbaar voor het nummer.”

Donker album maar ook hoopvol

Vrienden en vakgenoten vonden de nieuwe nummers maar vaag. “Ze vinden het enorm afwijken van wat we eerder deden”, zegt Kirk. Zelf ziet hij dat helemaal niet zo. En hij is ook niet meer zo pessimistisch over de wereld. “Het is een donkere plaat geworden, maar ook een hoopvolle. Inherent aan een periode van rouwen, is dat er iets wordt verjaagd. Met welke crisis je ook moet omgaan, iedereen past zich uiteindelijk aan.”

Over de muziekwereld is hij somberder gestemd. Diep geraakt door het overlijden van Bowie en Prince daalde bij Kirk, halverwege de dertig inmiddels, het besef in dat de wijze waarop zij muziek maakten nooit meer zal terugkeren. “Ze waren zo gepassioneerd en echte uitvinders. Vooral Bowie werd steeds eclectischer, bewoog zich in elk denkbaar genre, met volle overtuiging. En overtuigend. Vraag me niet waarom, maar ik zie dat nooit meer terugkeren.”

‘Sincerely, Future Pollution’ verschijnt op vrijdag 7 april, via het Britse label City Slang. Twee dagen later treedt Timber Timbre op in Paradiso Noord.